Wat verstaan we onder… Philips 66-methode?

De Philips 66-methode is een creatieve brainstormtechniek die gebruikt wordt om in korte tijd veel ideeën te verzamelen en iedereen actief te betrekken. Een groep deelnemers wordt verdeeld in subgroepen van ongeveer zes personen. Elke subgroep krijgt een vraagstuk of onderwerp en bespreekt dit gedurende zes minuten. Binnen die tijd proberen ze zoveel mogelijk ideeën te bedenken en te noteren. Daarna worden de resultaten met de hele groep gedeeld, zodat de beste voorstellen verder kunnen worden uitgewerkt. Deze methode stimuleert gestructureerd denken, samenwerking en betrokkenheid, en is vooral effectief bij vergaderingen, onderwijsactiviteiten of andere sessies waarin snel nieuwe ideeën nodig zijn.

Wat verstaan we onder…. paradoxale behoeften?

Paradoxale behoeften bij een leerling ontstaan wanneer een leerling tegelijkertijd tegengestelde of tegenstrijdige wensen en emoties ervaart. Dit maakt begeleiding complex, omdat het vervullen van de ene behoefte de andere kan belemmeren. Bijvoorbeeld kan een leerling aandacht willen, maar zich tegelijkertijd uit de groep terugtrekken, of zelfstandigheid nastreven terwijl hij nog veel begeleiding nodig heeft. Ook kan een leerling hoge prestaties willen leveren, maar moeilijke taken vermijden uit angst om te falen. Paradoxale behoeften laten zien dat gedrag en emoties vaak meerdere lagen hebben. Het vraagt van docenten en begeleiders geduld, begrip en een zorgvuldige afstemming van ondersteuning.

Wat verstaan we onder… ontwikkelingspotentieel?

Ontwikkelingspotentieel verwijst naar de capaciteit van een persoon om zich verder te ontwikkelen, zowel cognitief als sociaal-emotioneel of op vaardigheidsgebied. Het gaat niet alleen om wat iemand op dit moment kan, maar vooral om wat hij of zij in de toekomst kan bereiken met de juiste ondersteuning, uitdaging en leeromgeving. Factoren zoals talent, motivatie, omgeving en begeleiding beïnvloeden dit potentieel. Zo kan een leerling die nu de basis van wiskunde begrijpt met goede begeleiding complexe vraagstukken leren oplossen. Ontwikkelingspotentieel draait dus om de toekomstige groeimogelijkheden van een persoon.

Wat verstaan we onder… morfologische synthese?

Morfologische synthese is een creatieve methode om nieuwe ideeën of producten te ontwikkelen door systematisch verschillende eigenschappen of kenmerken van een object te combineren. Eerst wordt het onderwerp opgesplitst in afzonderlijke attributen, zoals kleur, materiaal, vorm of functie. Vervolgens worden voor elk attribuut meerdere variaties bedacht. Door deze variaties op verschillende manieren te combineren ontstaan unieke concepten of oplossingen. Bijvoorbeeld bij het ontwerpen van een lamp kan men combineren: materiaal (hout, metaal), kleur (zwart, wit), lichtbron (LED, gloeilamp) en vorm (rond, ovaal).

Wat verstaan we onder… Mitsubishi-methode?

De Mitsubishi-methode is een creatieve techniek die wordt gebruikt om ideeën te genereren en systematisch te analyseren binnen een groep. De deelnemers worden verdeeld in kleinere teams, die hun gedachten en voorstellen verzamelen en vervolgens ordenen op relevantie en haalbaarheid. Vaak worden visuele hulpmiddelen zoals tabellen of diagrammen gebruikt om het overzicht te bewaren en ideeën duidelijk te structureren. De methode combineert creativiteit met gestructureerde besluitvorming, waardoor zowel innovatieve als praktische oplossingen naar voren komen. Door samenwerking en gezamenlijke evaluatie stimuleert de Mitsubishi-methode actieve deelname en efficiënt probleemoplossen, waardoor het een effectief hulpmiddel is.

Wat verstaan we onder… misdidactiek?

Misdidactiek verwijst naar onderwijskundige of didactische fouten die het leerproces van leerlingen negatief beïnvloeden. Het ontstaat wanneer lessen, uitleg of begeleiding niet effectief zijn, waardoor leerlingen moeite hebben om kennis of vaardigheden te begrijpen en toe te passen. Voorbeelden van misdidactiek zijn onvoldoende afstemming op het niveau van de leerlingen, onduidelijke uitleg, te weinig variatie of interactie en gebrek aan feedback. Bijvoorbeeld kan een docent een ingewikkeld wiskundig concept uitleggen zonder voorbeelden of aansluiting bij de voorkennis van de leerlingen, waardoor de meerderheid het niet begrijpt. Misdidactiek belemmert zo effectief leren en ontwikkelen.

Wat verstaan we onder… microles?

Een microles is een korte, gerichte lesactiviteit die meestal enkele minuten tot een kwartier duurt en zich richt op één specifiek leerdoel of kernconcept. Het doel is om kennis of vaardigheden op een overzichtelijke en effectieve manier over te brengen. Microlessen zijn vaak interactief en praktisch toepasbaar, waardoor leerlingen actief betrokken worden bij het leerproces. Bijvoorbeeld kan een docent in tien minuten een moeilijke wiskundige formule uitleggen en een korte oefening laten maken, waarna leerlingen zelfstandig verder werken. Microlessen worden veel gebruikt in differentiatie, blended learning en kennisverrijking, omdat ze snelle en gerichte kennisoverdracht mogelijk maken.

Wat verstaan we onder… methodegebonden toets?

Een methodegebonden toets is een toets die specifiek is afgestemd op de leerstof, volgorde en opzet van een bepaalde lesmethode of methodeboek. Het doel is te controleren of leerlingen de kennis en vaardigheden beheersen die binnen die methode worden aangeboden. Deze toetsen richten zich op de exacte onderwerpen en oefeningen uit het lesmateriaal en zijn vaak ontwikkeld door de makers van de methode. Een voorbeeld is een wiskundemethode met hoofdstukken over breuken en procenten, waarbij de toets precies deze onderdelen behandelt volgens de volgorde van het boek. Methodegebonden toetsen zijn minder geschikt voor het meten van algemene kennis buiten de methode.

Wat verstaan we onder… metacognitief gedrag?

Metacognitief gedrag is het vermogen om bewust na te denken over je eigen denk- en leerprocessen en deze actief te sturen. Het omvat het plannen van hoe je een taak aanpakt, het monitoren tijdens het uitvoeren van de taak om te controleren of de gekozen strategie effectief is en het evalueren achteraf om te beoordelen wat goed ging en wat verbeterd kan worden. Bijvoorbeeld kan een leerling merken dat een bepaalde studieaanpak niet werkt en besluiten een andere strategie te gebruiken om een opdracht beter te begrijpen. Metacognitief gedrag helpt zo om leren efficiënter en effectiever te maken.

Wat verstaan we onder… memoriseren?

Automatiseren en memoriseren zijn beide belangrijke leerprocessen maar verschillen in doel en werking. Automatiseren houdt in dat een vaardigheid of handeling zo vaak wordt geoefend dat deze automatisch uitgevoerd kan worden zonder bewuste aandacht waardoor het efficiënter gaat. Bijvoorbeeld het snel kunnen opzeggen van de tafels van vermenigvuldiging. Memoriseren daarentegen gaat over het opslaan en onthouden van informatie of kennis zodat deze later gereproduceerd kan worden, zoals het onthouden van historische data, definities of woordenschat. Waar automatiseren zich richt op het automatisch uitvoeren van vaardigheden, draait memoriseren om het onthouden en terughalen van feitelijke kennis.