Ouders – “Niet-weten-vaardigheden” en soorten vragen

Met ‘Niet-weten-vaardigheden’ doelen we op vaardigheden die je kunt gebruiken in gesprekken. Je stelt vragen waardoor de ander zelf tot een oplossing kan komen. We zijn snel geneigd om oordelen en adviezen te geven. Maar door een houding aan te nemen van ‘niet-weten’ en vragen te stellen, help je het perspectief van de ander duidelijk te krijgen.

Andere technieken die je kunt gebruiken zijn bijvoorbeeld de wondervraag, schaalvraag en uitzonderingsvraag. Bij de wondervraag vraag je de ander te beschrijven hoe de situatie er uit zou zien als er een wonder heeft plaatsgevonden waardoor het probleem is opgelost.

Bij de schaalvraag kan de ander aangeven waar hij zit op een schaal van 0 tot 10 waarbij 10 de ideale situatie is. Wat is er nodig om een of twee stapjes op te schuiven richting die 10?

Tenslotte de uitzonderingsvraag. Daarbij vraag je naar momenten waarop het probleem zich niet of minder voordoet, waardoor je inzicht krijgt in wat werkt in zo’n situatie.

Wat verstaan we onder… pedagogische sensitiviteit?

Met pedagogische sensitiviteit bedoelen we dat je opmerkt, aanvoelt en begrijpt wat er in een situatie of bij een kind nodig is. Je hebt oog voor de ander, en voor signalen, ook de kleine en minder opvallende. Je geeft daar de juiste betekenis aan en reageert er op een goede manier op, ook in de ogen van de ander.

Door deze manier van reageren draag je bij aan een goede relatie, want de ander voelt zich gehoord en gezien. Tenslotte richt je je bij pedagogische sensitiviteit bewust op de goede momenten en sterke kanten van een kind.

Ouders – Risicovol spelen

Risicovol spelen is een vorm van spelen waarbij kinderen activiteiten aangaan die hun uitdagen en avontuurlijk zijn. Meestal buiten, maar bijvoorbeeld in een speellokaal zou dat ook kunnen.
Kinderen maken daarbij zelf de keuze of ze bepaalde risico’s willen aangaan, bijvoorbeeld door over een boom over een sloot te lopen. Het is iets dat de meeste kinderen van nature doen, waarbij ze leren omgaan met uitdagingen, spanning, en grenzen.

Ouders – Van Wiechen ontwikkelingsonderzoek

Het ‘Van Wiechenschema’, zoals het in de volksmond wordt genoemd, is het instrument dat gebruikt wordt op het consultatiebureau om de ontwikkeling van het kind systematisch in kaart te brengen. In totaal worden er 75 ontwikkelingskenmerken beoordeeld op het gebied van bijvoorbeeld motoriek, persoonlijkheid, communicatie en sociaal gedrag.

Oorspronkelijk was het doel om ontwikkelingsstoornissen op tijd in beeld te krijgen. Inmiddels is het doel vooral een goede begeleiding van ouders bij de ontwikkeling van hun kind.

Ouders – Vrije keuze voor het onderwijs

In Nederland mag je als ouder zelf kiezen naar welke school je kind gaat. Dit is dus niet bepaald door locatie, wijk of dorp. Er zijn in Nederland openbare, bijzondere en particuliere scholen.

Bijzondere scholen geven les vanuit een godsdienst, een levensovertuiging of een visie op het onderwijs. Dan kun je denken aan bijvoorbeeld Christelijke of Islamitische scholen. Ook kennen we de “algemeen bijzondere” scholen. Deze scholen geven les vanuit een visie op onderwijs, zoals bijvoorbeeld Montessori, Jenaplan of Daltonscholen.

De openbare en bijzondere scholen worden gefinancierd door de overheid. De scholen moeten aan verschillende eisen voldoen, zoals een minimaal aantal leerlingen, bevoegde leraren, voldoende uren onderwijs en onderwijskwaliteit. Particuliere scholen worden niet gefinancierd door de overheid en vragen over het algemeen een bijdrage van ouders om het onderwijs te bekostigen. Ook particuliere scholen moeten aan eisen m.b.t kwaliteit voldoen.

Peergrouponderwijs – Leergedragondersteunende strategieën

Onder leergedragondersteunende strategieën verstaan we alle leer- en studievaardigheden die leerlingen nodig hebben om aan een taak te kunnen beginnen en deze tot een goed einde te kunnen brengen. Hieronder kun je de zogenoemde executieve vaardigheden verstaan (denk aan taakinitiatie, doelgericht gedrag en volgehouden aandacht en ook het vermogen om je denken en handelen te organiseren), maar ook het op een handige manier kunnen of overleggen met andere leerlingen, op een passend moment en op een passende wijze om hulp vragen.

Wat verstaan we onder… onderleren/onderpresteren?

Onderleren en onderpresteren hebben met elkaar te maken, maar zijn wel twee verschillende dingen.

Onder onderpresteren verstaan we minder presteren dan je op grond van een vermeend ontwikkelingspotentieel zou kunnen, waarbij een deel van deze leerlingen ook beneden het groepsgemiddelde presteert.

Onder onderleren verstaan we leerlingen die minder leren dan dat ze op grond van hun ontwikkelingspotentieel zouden kunnen. Er zijn leerlingen die ten opzichte van de gemiddelde leerlingen of de andere academisch sterke leerlingen nog steeds goed presteren, maar eigenlijk nauwelijks leren. Dat zijn de leerlingen die veelal hoog scoren en foutloos werken. Leerlingen die onderleren ervaren dat de context waarin zij op school functioneren onvoldoende een beroep doet op hun eigen capaciteiten en benoemen deze mismatch vaak als ze daarover in een veilige situatie in gesprek kunnen gaan.

Peergrouponderwijs – Heterogene groep/heterogene setting

Onder heterogeen verstaan we de onderlinge verschillen tussen individuen. Bij een heterogene groep of een heterogene setting gaat het er dus om dat de leerlingen die hierin functioneren sterk van elkaar kunnen verschillen. Die verschillen kunnen zowel het didactisch niveau als hun leervaardigheid betreffen.

Wat verstaan we onder… zwaarbelaste groep?

Er is sprake van een zwaarbelaste groep als er bijvoorbeeld veel leerlingen in een groep zitten die op een of meerdere ontwikkelingsgebieden veel intensieve ondersteuning nodig hebben. Maar zwaarbelast kan ook verwijzen naar de pedagogische samenstelling van de groep waarin de interactie tussen leerlingen onderling een zeer groot beroep doet op het pedagogische en/of organisatorische vermogen van de leraar.

Door deze zware belasting heeft de leraar dan minder kansen en gelegenheid om leerlingen individueel meer aandacht te geven. Daarbij ontstaat er een dilemma met betrekking tussen dat wat maximaal wenselijk is voor een leerling en dat wat maximaal haalbaar is in de gegeven context.

Wat verstaan we onder… paradigma?

Het begrip paradigma verwijst naar een verzameling van theorieën die verschijnselen in de praktijk kunnen verklaren of die in de praktijk het handelen onderbouwen. In het huidige onderwijskundige paradigma ligt er een groot accent op zelfregulatie, leren creatief te denken en tot oplossingen te komen, samen werken, eigen initiatief et cetera.